Dropbox Business Blog Nederland — Vraag-en-antwoordsessie met Passenger: Songwriter, samenwerker, dromer

Je leest nu Vraag-en-antwoordsessie met Passenger: Songwriter, samenwerker, dromer
Delen 
23 oktober, 2017 — 16 minuten leestijd

Vraag-en-antwoordsessie met Passenger: Songwriter, samenwerker, dromer

Vijf jaar geleden veranderde het leven van Mike Rosenberg, alias Passenger, met de release van zijn megahit 'Let Her Go', die sindsdien meer dan 1,5 miljard keer is bekeken op YouTube. We spraken de getalenteerde artiest voor hij het podium betrad in Dublin, Ierland voor het laatste optreden van zijn tour. Passenger vertelde over deze hectische jaren, zijn creatieve drive en zijn nieuwe, onverwachte album 'The Boy Who Cried Wolf'.

Je viert een mijlpaal, een bepaald nummer kwam vijf jaar geleden uit.

Ja, 'Let Her Go' werd toen geüpload naar YouTube. Het is best vreemd hoe dat gaat, want dit is mijn laatste optreden. Eigenlijk ben ik sindsdien aan het touren geweest. Ik ben in feite vijf jaar onderweg geweest, heb vier albums uitgebracht.

We hebben 418 keer opgetreden, en dan tel ik de straatoptredens en de radioprogramma's niet eens mee. Met die straatoptredens erbij zit ik zeker in de buurt van duizend optredens.

Je hebt even rust nodig.

Daar heb je gelijk in. Ik zit op 1% batterij. Vorige week kreeg ik de 10%-melding en dacht ik: ik moet echt even opladen. En dat heb ik niet gedaan. Ik heb zelfs de zaklamp gebruikt, die de batterij helemaal uitput.

Je bent al vijf jaar onafgebroken bezig, vier albums, hoe overleef je zoiets? We weten dat de batterij op 1% zit...

Ik weet niet hoe ik daarop moet antwoorden. Ik had, denk ik, een soort brandend verlangen. Passenger begon jaren geleden als band. We namen een album op en tourden wat rond. Dit was ergens begin jaren 2000. Om de een of andere reden werkte het niet. Mijn manager destijds pakte zijn biezen, de band ging uit elkaar en ik stond voor een dilemma. Ik was net in Australië aangekomen en stond in het voorprogramma van een vriend. Dat waren mijn eerste solo-optredens.

Daardoor werden mijn ogen geopend, ik had door dat ik in mijn eentje kon optreden zonder dat mensen gillend wegrenden of in slaap vielen. Kort daarna begon ik met straatoptredens en ontwikkelde ik een geweldige werkhouding. Ik begreep opeens wat ik moest doen om er een succes van te maken. Mensen denken dat alles vanzelf gaat als je ergens goed in bent en dat talent hebben genoeg is, maar dat is niet waar. Je moet je uit de naad werken.

Kun je ons wat meer vertellen over je werkhouding?

Ik raakte geobsedeerd. Ik hou van straatoptredens, van alles zelf doen. Je gaat naar een dorp waar je nog nooit ben geweest, blijft er een dag of drie, verkoopt honderd cd's en staat opeens in een pub te spelen. Dat is fantastisch, vooral als je zolang te maken hebt gehad met platenmaatschappijen en het eigenlijk constant voelde alsof je jezelf moest inhouden. Dat was hartstikke frustrerend, maar opeens ga je dan van zoiets naar een heel andere omgeving waarin je direct feedback krijgt van echte mensen op straat. Dat was geweldig, heel bevrijdend. Vanaf dat moment voelt het alsof ik in een achtbaan zit die vrolijk ronddendert, vooral met 'Let Her Go'. Sindsdien is het eigenlijk een gekkenhuis.

Waarom nu net dat lied, denk je?

Ik denk dat het vooral te maken had met timing, want ik deed veel optredens met Ed Sheeran. Plotseling stond ik elke avond voor duizenden mensen te spelen, net nadat ik het album 'All The Little Lights' had uitgebracht. En 'Let Her Go' leek gewoon het juiste nummer op het juiste moment te zijn. Het was een goede vertegenwoordiging van wat ik doe, op een commerciële manier verpakt. Voordat iets zo groot wordt, moeten zo veel kleine dingen op hun plaats vallen, moeten de sterren goed staan en moet het universum je heel gunstig gezind zijn.

Soms zijn er periodes waarin ik drie of vier nummers in een week schrijf, maar soms gaan er ook maanden voorbij zonder dat ik een gitaar aanraak... je moet geduldig leren zijn en het accepteren als het even niet wil lukken.

Ik ben erg dankbaar, maar kan het eigenlijk ook nog steeds niet beseffen. Toen de band uit elkaar ging en ik begon met straatoptredens, ging ik ervan uit nooit een nummer 1-hit te maken. Het zou geen muziekcarrière worden zoals een tienjarige zich die inbeeldt. Geen limousines of wat dan ook. Het zou hard werken worden, met optredens in pubs en mensen als het ware een voor een verliefd laten worden op je muziek. En dat vond ik prima. Ik raakte er zelfs door gemotiveerd; het is echt, je kunt het zien en het is tastbaar. Dat vond ik dus prima en opeens overkwam me dit: een van de grootste hits van het decennium. Het is gek, volkomen belachelijk. Alsof je de loterij wint.

Ja, dat is geweldig. Het succes heeft duidelijk geen invloed gehad op je werkhouding. Kun je ons vertellen hoe je creatieve proces er zo'n beetje uitziet?

Ik probeer niet te veel regels op te stellen, nummers kunnen op verschillende manieren tot je komen. Ik denk dat er wel eens periodes zijn waarin ik drie of vier nummers in een week schrijf, maar soms gaan er ook maanden voorbij zonder dat ik een gitaar aanraak. Ik heb geen ideeën, er komt niks uit. Je moet geduldig leren zijn en het accepteren als het even niet wil lukken.

Ik heb veel geluk gehad wat dat betreft, want ik schrijf heel veel en loop altijd een album voor op mezelf. Dat is altijd al zo geweest. Tegen de tijd dat ik een album heb opgenomen en dat het is uitgebracht, is het volgende al zo goed als klaar. Dat is heel fijn, omdat je je nooit in die benarde situatie bevindt dat je echt een album móét uitbrengen. Dat je dan maar snel twaalf nummers in elkaar flanst en klaar is Kees. Zo maken mensen slechte albums.

Je krijgt die typische situatie waarin een artiest zijn hele leven heeft gehad om zijn eerste album te maken en dan zes maanden heeft om het tweede te schrijven. 'Let Her Go' staat op mijn vijfde album, dus ik had al een redelijke catalogus die mensen nog konden ontdekken. Toen de 'Let Her Go'-tour na twee jaar was afgelopen, waren 'Whispers' en 'Whispers II' gereed voor de pers. Ik denk dat het fijn is om nooit die druk te voelen. Als je schrijft, is dat een plus, maar geen noodzakelijkheid. Ik denk dat dat een fijne situatie is. Je maakt je hersenen leeg zodat de creatieve kant het kan overnemen.

Dingen kunnen loslaten is juist erg belangrijk als je samenwerkt... niet te veel de touwtjes in handen nemen en er gewoon op vertrouwen dat de betrokkenen uitstekend werk zullen leveren. Zo kan ik me concentreren op waar ik mee bezig ben.

Zoals je al zei, ging je band uit elkaar. Je zit nu weer bij een nieuwe band. Welke verschillen ervaar je tussen alleen en samen op het podium staan?

De dynamiek is heel anders. Ik was twintig toen ik voor het eerst in een band zat. Ik had niet echt een visie, wist niet genoeg over muziek en over mezelf om echt te weten wat ik met de wereld wilde delen. Daarom namen de wat oudere bandleden een beetje de leiding. Ze hadden veel meer ervaring dan ik. Als ik eraan terugdenk, zouden we het er vast allemaal over eens zijn dat dat goed was. Ik denk dat als je wilt dat een project werkt, degene die vooraan staat te zingen moet geloven in wat hij doet en het ook echt moet begrijpen.

Kun je ons vertellen wat je gaandeweg hebt geleerd over mensen meekrijgen in jouw visie?

Dat is een goede. Ik denk dat er een leider moet zijn, maar ook dat je de mensen genoeg vrij moet laten om te doen waar ze goed in zijn en dat je ze daar niet in moet belemmeren. Geef mensen de vrijheid om te doen waar ze goed in zijn.

Deze jongens zijn hun instrument meester en zijn even verfijnde mensen als musici. Ik vertrouw ze volledig en het is belangrijk de teugels wat te kunnen laten vieren als je samenwerkt. Je moet ze niet verstikken, de controle naar je toe trekken, maar erop vertrouwen dat de betrokkenen uitstekend werk zullen leveren. Zo kan ik me concentreren op waar ik mee bezig ben. Het werkt heel goed zo.

En op het podium?

Het is zo veel makkelijker. Pas toen ik de band weer bij elkaar bracht, had ik door hoe zwaar het is om solo op te treden.

Anderhalf uur lang is het ik en mijn gitaar. Arena's, stadions, festivals, noem maar op. Het is vermoeiend, heel vermoeiend. De druk is hoog. Jij moet alle geluid maken en de aandacht van het publiek zien vast te houden. Met een band is het niet per se makkelijk, maar je kunt soms even een stapje terug doen. Je kunt Benny een gitaarsolo laten spelen of wat dan ook. Het geeft je een momentje om op adem te komen en jezelf te herpakken. Bovendien is het hartstikke leuk. Gewoon gek doen op het podium en dat met mensen kunnen delen is fantastisch.

En heeft dat je eigen creativiteit gevoed?

Immens. Ik begon de band om 'Young as the Morning, Old as the Sea' op te nemen en dat was geweldig, een hele leuke ervaring. Het was heel intuïtief, alles ging als vanzelf, omdat we toen al zo vaak samen hadden opgetreden. Er werd niet gediscussieerd, we speelden gewoon de nummers. We dachten, dit is het nummer en de compositie zal wel komen. En dat was het. Dat was zo'n verademing. Alles rondom dit album verliep vlekkeloos. We hebben het in twee weken opgenomen. Het mixen nam twee dagen in beslag. We kregen het artwork en dat was meteen al perfect. Alles klikte gewoon en niks werd overpeinsd.

Alles rondom dit album verliep vlekkeloos. We hebben het in twee weken opgenomen. Het mixen nam twee dagen in beslag. We kregen het artwork en dat was meteen al perfect. Alles klikte gewoon en niks werd overpeinsd.

Het is zo veel makkelijker. Pas toen ik de band weer bij elkaar bracht, had ik door hoe zwaar het is om solo op te treden.

Anderhalf uur lang is het ik en mijn gitaar. Arena's, stadions, festivals, noem maar op. Het is vermoeiend, heel vermoeiend. De druk is hoog. Jij moet alle geluid maken en de aandacht van het publiek zien vast te houden. Met een band is het niet per se makkelijk, maar je kunt soms even een stapje terug doen. Je kunt Benny een gitaarsolo laten spelen of wat dan ook. Het geeft je een momentje om op adem te komen en jezelf te herpakken. Bovendien is het hartstikke leuk. Gewoon gek doen op het podium en dat met mensen kunnen delen is fantastisch.

En heeft dat je eigen creativiteit gevoed?

Immens. Ik begon de band om 'Young as the Morning, Old as the Sea' op te nemen en dat was geweldig, een hele leuke ervaring. Het was heel intuïtief, alles ging als vanzelf, omdat we toen al zo vaak samen hadden opgetreden. Er werd niet gediscussieerd, we speelden gewoon de nummers. We dachten, dit is het nummer en de compositie zal wel komen. En dat was het. Dat was zo'n verademing. Alles rondom dit album verliep vlekkeloos. We hebben het in twee weken opgenomen. Het mixen nam twee dagen in beslag. We kregen het artwork en dat was meteen al perfect. Alles klikte gewoon en niks werd overpeinsd.

Alles rondom dit album verliep vlekkeloos. We hebben het in twee weken opgenomen. Het mixen nam twee dagen in beslag. We kregen het artwork en dat was meteen al perfect. Alles klikte gewoon en niks werd overpeinsd.

Je benadert schrijven op een erg analoge manier. Je bent van de pen en het papier, maar hebt aan de andere kant ook een gigantisch digitaal netwerk van fans. Hoe denk je over technologie en de manier waarop je het gebruikt om je netwerk samen te brengen?

Ik denk dat toen ik op straat optrad, dat mogelijk was door Facebook. Als je wat ik heb gedaan tien jaar geleden had willen doen, zou het erg moeilijk zijn geweest om mensen op te trommelen. Facebook maakt het zo eenvoudig om te zeggen 'Kom even langs' en dat gaat vervolgens rond als een lopend vuurtje. Zo heb ik mijn fanbase opgebouwd. Je kunt zeggen wat je wilt over Facebook. Het is lang niet altijd een positief iets, maar het is heel belangrijk geweest in de beginperiode van Passenger. Nu is het anders. Ik heb niet meer genoeg tijd of rust in mijn hoofd om op iedereen te reageren. Nu probeer ik gewoon zo veel mogelijk muziek te maken.

Ik denk dat interessant blijven essentieel is. Als je altijd opgehokt zit met je eigen ideeën, klinken uiteindelijk al je nummers hetzelfde.

Er zijn coversessies. Ik denk dat mensen die mijn pagina leuk vinden niet op die knop hebben gedrukt omdat ze me er schattig uit vinden zien of om mijn woeste charme. Nee, ze willen muziek. Dus die maak ik zo veel mogelijk voor ze. Iedereen gebruikt sociale media op een andere manier. Ik wil niet zo'n artiest worden die alleen maar selfies plaatst. Dat is niet waarom mensen van Passenger houden, lijkt me. Ik maak geen goede selfies. Het zo oprecht mogelijk houden is waar het voor mij om draait. Ik wil gewoon zo veel mogelijk muziek maken voor de mensen en ze inzicht bieden in wat we allemaal doen.

Zelfs onderweg maak je de 'Sunday sessions', elke week een video.

Ja, het is zwaar. Geen idee hoe we dat hebben klaargespeeld. Het was zo vermoeiend omdat we ze live opnamen, niet in de studio. Dus we sleepten onze microfoons en al mee een of ander koud bos in. Man, dat was vermoeiend. Dat doe ik niet nog een keer. Ik ben erg tevreden met het resultaat en ik denk dat mensen het konden waarderen, maar jemig, vijf optredens per week en dan dat nog erbij. Je moet het lied instuderen, het gaan filmen, opnemen en mixen. Het was krankzinnig veel werk.

We hadden het al over creativiteit voeden. Beschouw je creativiteit als iets dat je moet voeden?

Je moet uitrusten.

Als ik optreden na optreden houd en fysiek ben uitgeput... Muziek komt ergens vandaan. Ik weet niet waarvandaan of hoe het ontstaat, maar je moet uitrusten en herstellen en jezelf toestaan om nieuwe energie te schenken aan wat het dan ook is dat muziek maakt en je creatief laat zijn.

Het ergste dat je kunt doen is er te veel vragen bij stellen en er te veel over nadenken. Je stelt heel logische vragen, maar in een vrij onlogische situatie.

Hoe zit het met co-creatie? Je hebt 'Flight of the Crow' gemaakt, een heel album met alleen maar samenwerkingen en je creëert nu samen met een band. Wat is je mening over samen dingen maken?

Ik vind het geweldig. Ik denk dat interessant blijven essentieel is. Als je altijd opgehokt zit met je eigen ideeën, klinken uiteindelijk al je nummers hetzelfde. Elk project waarmee ik bezig ben, elk album dat ik opneem, elke keer weer hoop ik dat het anders is dan het voorgaande en werk ik met andere mensen die er weer een nieuwe kijk op geven. En als je nadenkt over de beste nummers, films, toneelstukken of wat dan ook, daar is toch eigenlijk altijd samenwerking voor nodig geweest? Zoiets kan iemand niet in zijn eentje maken. Dat maakt het zo opwindend, al die hersenen en harten die samenwerken. Prachtig.

Wat kunnen fans verwachten van dit verrassingsalbum?

Ik hou van dit nieuwe album. Er staan vooral nummers op die al een tijdje bestaan, zoals 'Setting Suns', het titelnummer 'Boy Who Cried Wolf' en 'I Love Her'. Ze zijn ongeveer drie jaar oud en ik heb ze hier en daar wel eens gespeeld, maar ze waren gewoon nog niet op een album terechtgekomen, al zijn het allesbehalve slechte nummers. Er staan ook een paar nieuwe nummers op.

Maar het komt neer op wat ik al zei over zorgeloos zijn. Niks werd overpeinsd of overmatig geanalyseerd, we speelden gewoon de nummers. Het zijn allemaal liveopnames, dus wat je hoort is puur de band die speelt. Het fijne is, bij albums in het verleden nam je ze laagje voor laagje op. Ik neem bijvoorbeeld mijn deel op en vind het goed, maar vervolgens moeten we wachten tot de drums en zo zijn opgenomen. Dan is dat klaar en bedenk je je: ja, dit is 'm, we hebben alleen strijkinstrumenten nodig. Het is een soort bouwproces. Maar als je het dan live doet, speel je het nummer, luister je ernaar en als je er kippenvel van krijgt, dan is dat je opname. Krijg je geen kippenvel, dan begin je gewoon opnieuw.

Dat is überhaupt het punt van muziek. Ergens zijn we dat vergeten en opnames gaan oppoetsen met autotune om ze perfect te laten klinken. Daarom voel je niks als je naar die platen luistert, want het is alsof je naar robots zit te luisteren in plaats van naar mensen. Als je daarna naar een album van Joni Mitchell luistert, is niet elke noot loepzuiver, maar je voelt ze allemaal. We zijn lang niet zo goed als Joni Mitchell, maar het idee is hetzelfde: het is niet perfect, maar het is echt. Als iets van het begin af aan niet perfect is, verwacht je ook niet dat het dat wel zal worden en valt die druk als het ware weg. Dat is best gek.

Dus het is alsof je die menselijke noot weer terugbrengt in muziek luisteren, juist? Maar is het als een stomp in de maag?

Absoluut. Als je terugdenkt aan je lievelingsalbums uit de jaren 60 en 70, zijn de kleine imperfecties zo'n beetje het beste eraan. Een kuchje, een glas dat valt of wat dan ook, dat maakt het echt. Je wordt meegenomen naar de wereld van de artiest. Op een gegeven moment hebben we zo'n kloof gecreëerd tussen luisteraar en artiest dat het lijkt alsof je niet eens meer van dezelfde planeet komt. En zo zit het niet, zeker niet met [dit album]. We proberen gewoon zo geloofwaardig en eerlijk mogelijk over te komen.

Goed. Nu dus je laatste optreden en dan richting huis om te ontspannen en de creatieve energie de vrije loop te laten. Of gewoon om te slapen.

Ja, het is vreemd. Ik heb in jaren niet meer zo veel vrije tijd gehad. Sinds 2008 ongeveer niet meer. Voor 'Let Her Go' heb ik vier of vijf jaar straatoptredens gedaan, ik was toen al vastberaden. Ik ging toen al van hot naar haar, dat werd alleen maar meer. De druk nam flink toe.

Voor mij bestaat mijn carrière uit drie delen: het deel met de band, de solo-straatoptredens en alles na 'Let Her Go'.

Ga naar de website van Passenger om te zien waar je 'The Boy Who Cried Wolf' kunt beluisteren.

Wil je meer vraag-en-antwoordsessies zoals deze? Lees onze gesprekken met Sara Watkins en met Cindy Wilson van de B-52s.

Meer Klantverhalen

Let op: soms bloggen we over nieuwe producten of eigenschappen voordat ze uitgebracht zijn,
ende timing en extra functionaliteit van deze eigenschappen kunnen afwijken van wat hier wordt gedeeld.
De beslissing om onze diensten af te nemen moet worden gemaakt op de producten
en kenmerken die op dat moment beschikbaar zijn.